Sociaal & Maatschappelijk , Planten & Dieren

Wadlopen

Wadlopen geldt als een van de iconische tradities aan de noordelijke kust. Maar eeuwenlang heerste er vooral grote rust buitendijks. Slechts een enkeling waagde zich op de kwelders of het wad, alleen omdat daarvoor een economische noodzaak was. Vissers zetten er hun netten uit, boeren weidden er hun vee. De grillige natuur gold lange tijd vooral als vijandig. Maar in de jaren 1970 werd het ineens druk achter de dijk, met Woodstockachtige taferelen.

Wadlopen

Van Pieterburen naar Schiermonnikoog, 1982.  Foto H. de Vries, www.beeldbankgroningen.nl

Wadlopen is het bij laagwater bewandelen van het geheel of gedeeltelijk drooggevallen wad. Meestal van de kust naar een plaat of naar een waddeneiland, of van het ene eiland naar het andere. De bedoeling is de tocht in één keer te lopen zonder het contact met de vaste grond te verliezen. Tijdens de wandeltochten lopen de wadlopers door slik, over zandplaten en over mosselbanken. Deze natuurobstakels liggen vaak deels onder water en bij de zwaardere tochten moet men door diverse prielen en geulen, waarbij het water vaak tot aan de borst komt. En niet te vergeten weersomstandigheden als bijvoorbeeld een harde noordwestenwind die het water opstuwt en het wadlopen vaak behoorlijk bemoeilijkt.

In Nederland is wadlopen mogelijk naar de eilanden Terschelling, Ameland, Engelsmanplaat, Schiermonnikoog, Simonszand en Rottumeroog. Wie naar Terschelling wil wandelen moet wel een zeer ervaren wadloper zijn. Dit geldt ook voor de tocht tussen Texel en Vlieland. Rottumerplaat is inmiddels beschermd natuurgebied, wadlopen naar dit eiland is om deze reden niet toegestaan.

Waaghalzen

In het verre verleden zijn er kustbewoners geweest die het Wad hebben bewandeld. De Romein Plinius de Oudere, die tientallen jaren na het begin van de jaartelling de waddenkust verkende, schreef over het wad: "Men weet niet of men dit gebied tot de zee moet rekenen of dat men land voor zich heeft." Enkele waaghalzen ontdekten in de eerste helft van de vorige eeuw dat dit bijzondere half-land-half-watergebied met de voet te betreden is. Tenminste als je bekend was met getijvoorspellingen, het gebied en de mogelijke gevaren en verraderlijkheden van de zee, met een kompas kon werken, op de hoogte was van de weersituatie en de bakens en een goede conditie en uithoudingsvermogen had. Deze waaghalzen waren avontuurlijk, maar zeker niet roekeloos. Ter voorbereiding raadpleegden ze zee- en lodingskaarten, informeerden bij kustbewoners en maakten ze eindeloze verkenningen voordat ze daadwerkelijk het wadlopen aangingen. Schrijver Willem Frederik Hermans beschreef het wadlopen ooit als 'tweedimensionaal alpinisme', en de drijfveren lijken inderdaad het zelfde: een hang naar avontuur, fysieke inspanning en bewondering voor de natuur.

Pionier

Derk Heero Schortinghuis (1917-1998), secretaris van de Nederlandse Vereniging van Landaanwinning, is zo’n avonturier en waagde in 1939 een oversteek naar Rottumeroog. Hij wordt wel gezien als de grondlegger van het moderne, georganiseerde wadlopen in Groningen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het Wad verboden terrein. Schortinghuis presteerde het om vanuit het verzet ’s nachts Engelse piloten lopend over het Wad naar Simonszand te brengen. Zodat ze met de boot terug naar Engeland konden varen. De acties werden echter verraden en Schortinghuis werd opgepakt door de Duitsers. Het is een wonder dat Schortinghuis de oorlog overleefd heeft, de doodstraf lag op de loer. Na de oorlog ging Schortinghuis verder met wadlopen en bepaalde met een groep medewadlopers een lange tijd het beeld voor het wadlopen in Nederland. En zo waren er in die tijd meerdere wadlooppioniers zoals ds. D. van Dijk, bekend van de Amelandroute, en R. IJbema uit Kollum die zijn zinnen had gezet op de Engelsmanplaat.

<p>Douwe Buwalda, 1957. Foto Fotobedrijf Piet Boonstra, RHC Groninger Archieven.</p>

Douwe Buwalda, 1957. Foto Fotobedrijf Piet Boonstra, RHC Groninger Archieven.

Buwalda en Abrahamse

In 1957 kreeg Jaap Douwe Buwalda (1935-1976) samen met kameraad Felix Sutorius bekendheid door het maken van een totaal onverwachte oversteek naar Schiermonnikoog. Burgemeester, wethouder en de schipper van de reddingsboot waren geschrokken en zodanig dat het tweetal een verbod kreeg om terug te lopen. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Samen met Sutorius en later met mede-student geografie Jan Abrahamse (1937-2013) doorkruiste Jaap Buwalda het Nederlandse wad nog vele malen, ook door de moeilijkste gebieden en onder de meest barre omstandigheden. Een zware tocht die de eerste keer ook mislukte was de poging in 1958 om als eersten de zandplaat Simonszand te belopen. Als ervaringsdeskundigen gaven Buwalda en Abrahamse in het land lezingen over hun avonturen. Duizenden waddenliefhebbers volgden, onder leiding van goede gidsen willen zij ook de sensatie van een wadlooptocht beleven. Het wadlopen werd vanaf eind jaren vijftig een nieuwe sport, een nieuwe rage.

Het was in de zomer van 1968 dat Prins Claus in alle stilte samen met Jaap Buwalda als gids een wadlooptocht naar Schiermonnikoog maakte. De prins had in hem een van de beste wadgidsen en uiteraard werd hij zonder problemen overgebracht naar het Friese waddeneiland. Abrahamse bleef ook actief in het wadlopen. Hij speelde later een grote rol bij de oprichting van de Landelijke Vereniging tot behoud van de Waddenzee in 1965. Hij werd hoofdredacteur van het Waddenbulletin en Noorderbreedte.

Woodstock

De populariteit van het wadlopen past ongetwijfeld in de toenemende aandacht voor één van de laatste stukken ongerepte natuur in Nederland, dat bovendien onder druk stond. Afwalwater werd nog volop geloosd op zee ook bestonden plannen voor inpoldering; nog in 1969 werd de Lauwerszee drooggelegd. Het wadlopen gaat gelijk op met de opmars van allerlei milieubewegingen.

Ook hadden mensen meer vrije tijd en de behoefte zich te onderscheiden door individuele prestaties. ' Je moest geblowd hebben en te voet het Wad overgestoken zijn', heet het in een interview uit 1996 met wadlooppionier Abrahamse. Hem was het te druk geworden op het Wad:

'Er ontstond een hausse, vooral in de weekeinden. Het werd zo erg dat Buwalda en ik besloten niet meer te lopen op zaterdag en zondag. Om het kwartier vertrok een groep van honderd man. Duizenden mensen, een soort Elfstedentocht op het Wad. Op de kwelder bij Schier kreeg je Woodstockachtige taferelen van mensen die zich omkleedden en hun voeten wasten.'

Toeristisch wadlopen

Promotor en initiator van het toeristisch wadlopen begin jaren 1960 was Hylke Dijkstra (1934). Hij maakte van het wadlopen een professioneel bedrijf met Pieterburen als toeristische waddentrekpleister. Het wadlopen werd vanuit het Groningse dorp zorgvuldig georganiseerd; met verplichte oefentochten, waddendiploma’s met prestatiestempels – die men kreeg naar gelang men meer platen en eilanden heeft belopen – en zelfs een eremedaille voor diegene die vijf oversteken had aangedurfd. Hylke Dijkstra was boer en zo bleek ook een goede organisator. Hij groeide op vlak bij het wad, in een boerderij in de Negenboerenpolder. In 1963 liep hij zijn eerste tocht naar Schiermonnikoog onder begeleiding van gids Jaap Buwalda. Dijkstra was op slag geraakt door deze nieuwe sport. Eerder dat jaar organiseerde Dijkstra al een wandeltocht met 300 deelnemers over de bevroren Waddenzee.

In de zomer van 1963 werd in Pieterburen de eerste toeristische wandeltocht gehouden, een initiatief van de commissie Dorpsbelangen. Hylke Dijkstra was voorzitter van deze commissie. In 1963 liepen 200 wandelaars het wad op, in 1965 waren dit er ruim 800. De tochten breidden zich uit naar Rottumeroog, Simonszand, Schiermonnikoog, Engelsmanplaat en Ameland. De vele publiciteit in kranten en tijdschriften zorgden voor een stroom aan nieuwe wadlopers naar Pieterburen. Buitenlandse kranten bleven niet achter, The New York Sunday News omschreef het wadlopen als "a stroll through the mud flats." De wadlooporganisatie in Pieterburen had met 10.000 á 15.000 wadlopers per jaar een succesformule in handen. De veiligheid stond en staat voorop en zo moeten gidsen nog altijd een E.H.B.O. opleiding volgen en zij dragen ook tegenwoordig tijdens de tochten een portofoon om in contact te staan met het ‘hoofdkwartier’.

Professioneel

Vanaf 1971 werd het wadlopen in Pieterburen ondergebracht bij een nieuwe organisatie: Stichting Wadloopsport Pieterburen. In 1978 kwam er een tweede organisatie bij, die na een fusie met de stichting Wadloopsport verder ging onder de naam Stichting Wadloopcentrum Pieterburen. Anneke Dijkstra-Smith begon kort hierna onder de naam Dijkstra’s Wadlooptochten een wadloopbedrijf. Beide wadlooporganisaties zijn nog altijd volop actief vanuit Pieterburen. Sinds 2010 is er in Kruiswijk de Vereniging Vrije Wadlopers met ruim 20 gidsen en is de achtste wadlooporganisatie in Nederland die erkend is met een A-vergunning. Verder is er nog Waddenrecreatie Kleine Huisjes, gevestigd in het gelijknamige dorp in De Marne.

In Uithuizen is ook een wadloopcentrum van Stichting Het Groninger Wad, maar dit centrum is bescheiden van opzet. Zij organiseren sinds 1966 alleen tochten naar het onbewoonde eiland Rottumeroog en benoemen met klem dat het om liefhebberij gaat en niet om de massale oversteken zoals dat in Pieterburen werd en wordt gedaan.

1
Foto: wadden.groningen.nl
1
Foto: wadden.groningen.nl

Bronnen

Wadlopen – samengesteld door Jan A. Niemeijer, tekstbijdragen van D.H. Schortinghuis, D. van Dijk, R. IJbema, J. Abrahamse (1969)
Wadlopers – J. Abrahamse en J.D. Buwalda (1962)
Website De Marne
Website Wadlopen Moddergat
Website Waddenloket

Reacties

Nog geen reacties

Reageer
  • Wordt niet openbaar gemaakt