Eten & Drinken
De molleboon: een onverklaarbaar tussendoortje
Mollebonen zijn licht geroosterde en gezouten paardenbonen. Ze worden gezien als een typisch stad-Groninger lekkernij. De Stadjers danken er zelfs hun bijnaam aan, al zal niet elke Groninger zich – door de spottende ondertoon - aangesproken voelen. De molleboon is een snackje of nootje, voor bij de borrel of als tussendoortje. De oorsprong van de naam molleboon kent meerdere varianten evenals de naam van de eerste bakker die de molleboon ‘ontdekte’.
Wat is de mol
Volgens sommigen betekent mol molt, ook wel mout. Hier wordt een link gelegd naar het mouten van gerst op een eestvloer. Anderen zeggen dat de oorsprong van de naam ligt bij de bereiding van de mollebonen die oorspronkelijk gebakken zouden zijn in een mol, een ‘langwerpigen ronden bak’. Dit wordt deels bevestigd in het Groninger woordenboek van Helmer Molema (1887): ‘een mol of molle is een ronde houten bak uit één stuk hout’. Dat paardenbonen in deze mol of molle gebakken werden tot mollenbonen is niet zeker. In het woordenboek van Molema staat ook beschreven dat mollebonen ‘ in den oven geroosterd' werden.
Koloniale snack?
En dan is er de verklaring dat het recept van de molleboon uit de tijd van het voormalig Nederlands-Indië zou komen. De ronde bak genoemd in een van de beweringen - de zogenaamde mol of molle – zou van ijzer zijn en zou lijken op een wadjang (een soort wok zonder steel), die weer zijn oorsprong kent in Indonesië. Zou het kunnen dat onze Groninger molleboon zijn oorsprong kent in Indonesië? In de buurt van Wonosobo (Midden-Java) worden nota bene op mollebonen lijkende snacks aangeprezen als een typisch plaatselijk lekkernij. Het is vermoedelijk toch te ver gezocht, want er is gewoonweg geen écht bewijs dat de molleboon en het receptuur via de diepe wateren overgevaren zijn van Indië naar Groningen. De enige mogelijke link van de molleboon naar het verre oosten is te vinden in de toko’s en bij de Oriental supermarkten. Want daar verkopen ze tegenwoordig een vergelijkbaar boontje: het Aziatische tuinboonzoutje, meestal geïmporteerd uit China. De échte mollebooneters laten deze zoutjes echter in de schappen, want in vergelijking met de molleboon is zijn Aziatische neefje ‘niet te eten zo hard’.
Typisch stad-Gronings
De oorsprong van de naam ‘molleboon’ is dus lastig te achterhalen, bijna evenzo ingewikkeld ligt de zoektocht naar de eerste bakker van de Groninger molleboon. Wel bekend is dat mollebonen vroeger alleen in de stad Groningen werden vervaardigd. Verschillende stadsbakkers bakten uit gewoonte de paardenboontjes met de broodwaren mee in de ovens. Vanaf 1918 was er de branderij Firma R. Warner aan de Ganzevoortsingel, specialist in het roosteren van mollebonen. De meest bekende molleboonbakker uit de negentiende eeuw was vermoedelijk wel de heer Straatman aan ‘t Zuiderdiep, brood- en banketbakker en in die tijd ook hofleverancier. Bakker Perdok nam per 1 mei 1914 de zaak van Straatman aan het Zuiderdiep 71 (nu een tapijtwinkel) over. De bakkerij en het branden van de mollebonen werden tot zeker 1954 voortgezet.
Opmars van de pinda
De opvolger van de laatste molleboonbranderij Firma R. Warner stopte in 1971 met de productie van de mollebonen. De pinda als borrelsnack werd een te grote concurrent en de bonen (nu wierdebonen) werden steeds minder verbouwd op de kleigrond en dus minder aangeboden. Bij de definitieve sluiting in 1971 liet de toenmalige eigenaar van de Firma Warner de heer Nieborg in een interview met de publieke omroep weten: 'Ik heb ze 53 jaar geroosterd, maar dat ik kan zeggen ze ooit lekker te hebben gevonden, nee, dan zou ik liegen.'
De revival van de molleboon
Tegenwoordig zijn de mollebonen weer in populariteit gestegen en zijn als typisch Groninger streekproduct – weer volop te koop. Ze worden onder andere aangeboden bij de Groninger VVV’s, winkels met streekproducten in stad en ommeland, bij enkele borgen (zoals bij borg Verhildersum, waar de paardenboon nog wordt verbouwd) en bij De Commanderie in het vestingstadje Bourtange. Opvallend is dat de stadse mollebonen nu verkocht worden in zakjes met de provincievlag, waar het stadswapen meer voor de hand zou liggen.
Recept
Zelf mollebonen maken kan natuurlijk ook. De receptuur van de geroosterde molleboon is vrij eenvoudig. Over de smaakbeleving valt echter nog altijd wel te twisten. Op de website Nederlands-Dis over typisch Nederlands eten en drinken staat het volgende recept:
Week de gedroogde tuinbonen een nacht in handwarm water. Spoelen en weer in handwarm water wegzetten. Plaats alles liefst in bijvoorbeeld een kast, waar geen licht komt.
Na ongeveer 36 uur beginnen de tuinbonen te kiemen. In ieder geval zo lang doorgaan dat de tuinbonen gaan kiemen.
De bonen als ze beginnen te kiemen in een zeef of vergiet goed laten uitlekken.
Vervolgens met keukenpapier en een theedoek, de bonen helemaal door en door droogwrijven.
Verwarm de oven op 175 °C. Bekleed een ovenplaat met bakpapier. Verdeel de bonen over de bakplaat. Pof de bonen ongeveer 45 minuten in de oven.
Laat ze vervolgens afkoelen. Licht bestrooien met wat zout.
Bronnen
Artikel ‘Oranjefonds laat Grunneger Mollebonen herrijzen’ – Nieuwsblad van Friesland 18 juni 1994
https://www.groningerarchieven.nl/
https://groninganus.wordpress.com/2014/05/03/wat-zijn-mollebonen/
http://vervening.blogspot.nl/2015/09/mollebonen-bie-touvaal-ontdekt.html
http://www.nederlands-dis.nl/streekgerecht/mollebonen-streekgerecht-groningen/
Uw reactie is in afwachting van moderatie