Vermaak & Feest

De Adrillenmarkt in Winschoten

Iedere grotere plaats had vroeger wel een jaarmarkt. Niet alleen koopwaar werd daar aangeboden, maar de evenementen waren tevens een dorps- of streekfeest met de nodige vermakelijkheden. Ze vonden plaats in het voor- of najaar, wanneer het in de landbouw wat rustiger was. Veel markten verdwenen na de Tweede Wereldoorlog. In Winschoten weet de Adrillenmarkt zich tot de dag van vandaag te handhaven.

De Adrillenmarkt in Winschoten

Veemarkt op Adrillen, ca 1955. Foto collectie RHC Groninger Archieven (2208_4356_2)

Allerheiligen

De naam van de markt is afgeleid van Adrillen, het Gronings voor Allerheiligen. Ze vindt plaats op de eerste maandag na die feestdag (1 november). Op de maandag daarna heeft 'Lutje Adrillen' plaats.

In 2015 had – volgens de organisatie – de tweehonderdste editie van de markt plaats, maar die bewering is toch wat voorbarig of tenminste gebaseerd op los zand. Het klopt dat Winschoten in 1816 een nieuw marktreglement kreeg, waarin onder andere sprake is van een jaarmarkt voor vee. Bij een aanpassing van dat reglement in 1833 werden een aantal week- en veemarkten ineen geschoven: die op de eerste en tweede maandag in mei, op de tweede en derde donderdag in oktober en de eerste maandag in november.

De novembermarkt was de enige die zich na 1937 wist te handhaven. Adrillen was vanaf toen pas dé markt voor Winschoten en omgeving. De naam Allerheiligenmarkt of Adrillen duikt overigens pas op vanaf ongeveer 1880.

De eerste november was vroeger niet zo maar een dag: landarbeiders en meiden kregen op Allerheiligen van de boer hun loon over de zomermaanden uitbetaald. De markt was dan ook een uitgelezen plaats om dat om te zetten in benodigdheden als kleding en huishoudelijke artikelen, maar ook in meer vloeibare genoegens. Adrillen was tevens het moment om een varken aan te schaffen, om in de winter vlees te hebben.

Al vóór de Tweede Wereldoorlog werd met enige weemoed terug gekeken op de bloeiende markt van weleer. Uit het Nieuwsblad van het Noorden van 1939:

'De tijden dat op dezen dag de Winschoter winkeliers handen te kort kwamen en tot laat in den avond een stroom van klanten te bedienen hadden, is voorbij. In vroeger jaren kon de "Aldrill'n" voor menigen Winschoter koopman haast den heelen winter goed maken. Dan was een aparte kamer ingeruimd, waar de klanten die wachten moesten, koffie kregen; als het goede waren, met een belegde boterham er bij. Maar nu de verkeersmogelijkheden zooveel grooter zijn is dat gedaan en daarmede ook de tijd dat men in de Langestraat lange slierten boerenmeiden en -knechten zag, zingend het schoone lied:

En wie heur'n bie mekander
En wie neem'n nooit 'n ander,
Want 't spreekwoord zegt
Van soort zoekt soort.'

<p>Het boertje Popko, van 1995-2010 het beeldmerk van Adrillen.</p>

Het boertje Popko, van 1995-2010 het beeldmerk van Adrillen.

Vee en vertier

De veemarkt raakte in de tweede helft van de twintigste eeuw op haar retour. Vanaf de jaren negentig werden veehandelaren zelfs betaald om aanwezig te zijn. De dieren gaven wat 'luister' aan het traditionele karakter van de markt. In 2000 werden om die reden zelfs de dieren van de kinderboerderij Bovenburen naar het marktterrein versleept. Uit de handel kwamen dat jaar, volgens het Nieuwsblad van het Noorden, 'slechts een aantal pony’s, een kist met drie eenden, wat geiten en een niet gecastreerde bok.' De veemarkt werd in 2012 definitief afgeschaft.

Met het afnemen van het aandeel vee, namen de vermakelijkheden toe. Sinds 1968 is aan Adrillen een kermis verbonden, vanaf 1976 een hobbymarkt.

Van 't lu nog haildaal swaart

Wat door de jaren heen gebleven is, is de functie die Adrillen vervult als ontmoetingsplaats voor de wijde regio. Het evenement trekt jaarlijks zo'n 30.000 bezoekers. De Oostwolder landbouwer en dichter Derk Sibolt Hovinga (1909-1990) schreef er het beeldende 'Noar ‘t Adrillenmaart in Winschoot' over. Een fragment uit dit maar liefst 1043 regels tellende dichtwerk:

'k Zag hier Toatje, Jaantje, Miene, Ete, Petje, Betje,
Biene, Hero, Willem, Derk en Pait,
Haiko, Knelies, joa wel nait.
Tammo, Egbert, Ontje, Oarend, Oaries, Steven, Barrelt, Boarend, Gepke, Tjokje, Renske, Fiene,
Tunnies, Tjoaben en Tebine.

'k Zag doar Sieje, Aifke, Trienus, Doato, Alie,
Erriet, Tienus, Ake, Bene, Baals en Drewes, Bedde,
Berthoa, Biefke, Sewes, Iesbraand, Bront en Fiebo,
Bronno, Etto, Dodde, Halbe, Onno, Aantje ook,
neegn moal wedevraauw, mit aarm Remt in onnertrouw.

Apmoal mit heur Grunneger noamen,
Doar ze zok nooit veur schoamen,
Al wil gounent tels verdraiten, net as 't veurgeslacht te haiten.

Gounent binnen nait meer blied mit 'n noam oet opa’s tied;
Gounent vinnen dat te min, hebben ‘t hoger in het zin.
Jaantje en Aantje van op Diek binn nou Jeanne en Angelique.
Moar hier op ‘t Adrillenmaart is van ‘t lu nog haildaal swaart,
dei zok veur heur olle noamen op zien Grunnegers nait schoamen.

Bronnen

Sievert Bodde e.a., Novembertied. Adrillenmarkt in Winschoten (Winschoten 2015)

De Adrillen in 1936

De Adrillen in 1936

Reacties

Nog geen reacties

Reageer
  • Wordt niet openbaar gemaakt